126 appartementen Nieuwe Heerenhage, Heerenveen

Stichting Rendant
Heerenveen

Prefab
We bouwen deze appartementen – twee woonvleugels van 6 verdiepingen en een ‘torentje’ – op basis van bestek en tekeningen. Om de bouwtijd te beperken is gekozen voor veel prefab. Werken met prefab vereist zeer zorgvuldige planning en coördinatie. Je kunt pas starten als álle onderdelen uitgewerkt zijn. Zo moest de installateur (nevenaannemer) al in een zeer vroeg stadium aangeven waar alle sparingen voor het leidingwerk moesten komen. Als bouwer waren wij niet betrokken bij het voortraject van dit project. Bepaalde voorbereidende werkzaamheden zijn daardoor later ingezet. Het was een uitdaging omdat het voortraject en de uitvoering erg strak op elkaar waren afgestemd.

 

Slimme keuzes
Met slimme keuzes en dankzij goede afspraken met onze bouwpartners hebben we dit grotendeels kunnen opvangen. Met name in de afbouwplanning hebben we tijdwinst kunnen behalen. De stukadoor is begonnen terwijl het gebouw nog niet geheel wind- en waterdicht was en de ruimtes nog werden onderstempeld. Dit kon alleen omdat er voldoende werkruimte was, en omdat we alle gevelopeningen van plastic hebben voorzien. Op deze manier konden we veilig en in geconditioneerde omstandigheden tijdig met de afbouw beginnen zodat de kwaliteit geborgd blijft.

Ook al het materiaal dat nodig is voor de afbouw hebben we al tijdens de ruwbouwwerkzaamheden met de kraan binnen in het gebouw gezet. Met de inzet van de kraan konden we tevens de fysieke belasting van de medewerkers verminderen.

Om nog aan snelheid te winnen hebben we bovendien gewerkt in twee bouwstromen. Door het verbindende ‘torentje’ los te knippen van de overige gebouwdelen en de beide gebouwvleugels naar voren te halen in de planning, konden we eerder starten. Het torentje bevat onder meer de centrale entree, de postkasten, trappenhuis en lift. Omdat we dit deel ná de gebouwvleugels hebben gepland, creëerden we meer voorbereidingstijd voor deze cruciale onderdelen.

 

Op en om de bouwplaats
Het gebouw is voorzien van individuele grond-water-warmtepompen. Daarvoor is er een groot aantal bronnen geslagen. Bij het boren van de benodigde buizen (ca. 130 meter lang) gebruikt men water om de grond te verdrijven. Dit had als gevolg dat het bouwterrein érg nat en modderig was. Om de aanvoer van beton en overige bouwmaterialen veilig en ongehinderd te laten verlopen, hebben we aanvullende maatregelen genomen. Deze bestonden uit dragline schotten, rijplaten en drainage in de bouwput. Ook voor de heistelling vormde de natte ondergrond nu geen probleem meer.

Binnenstedelijk bouwen op een krappe bouwplaats is altijd een uitdaging. In dit geval was er slechts één smalle toegangsweg naar het bouwterrein, dat bovendien gelegen is aan een waterkruispunt. Met een zorgvuldige transportplanning en een efficiënte bouwplaatsinrichting hebben we voor alle betrokkenen zoveel mogelijk ruimte gecreëerd, met zo weinig mogelijk overlast voor de omwonenden.